27 feb. 2013

Gouden Boekenuil 2013 - shortlist

Vandaag werden volgende 5 auteurs genomineerd die zullen meedingen naar de felbegeerde prijs van 25.000,00 € en een kunstwerk van Philip Aguirre, prijs die zal uitgereikt worden op 4 mei 2013 in Kunstencentrum Vooruit in Gent.  


Pier en Oceaan - Oek de Jong


 
Oek de Jong schreef acht jaar aan deze omvangrijke autobiografische familieroman. Het verhaal begint in 1952, niet toevallig het geboortejaar van de schrijver, en eindigt in 1971, als de negentienjarige jongeman aan zijn seksuele ontwaken een volwassen dimensie heeft gegeven. Ondertussen is een hele resem personages aan de lezer verschenen: de ontgoochelde moeder die een lesbische vriendschap uit de weg ging voor een leven met man en kinderen, de praatgrage en afwezige vader en de vrijgevochten oom-fotograaf. ‘Pier en Oceaan’ is een psychologisch realistische roman met veel aandacht voor zintuiglijke waarneming en sfeer.

De man zonder ziekte - Arnon Grunberg


 
Arnon Grunberg houdt ervan om zijn personages figuurlijk – soms ook letterlijk – tot op hun vel uit te kleden, hen van alle illusies te beroven, en hen te laten spartelen in een zinloos universum. Ook in ‘De man zonder ziekte’ is dat het geval. Een jonge architect stuit op de grenzen van de menselijke waardigheid en autonomie, als hij opdrachten krijgt in Irak en Dubai. De architectuur wordt samen met hem ontmaskerd. Arnon Grunberg gebruikt in ‘De man zonder ziekte’ de actualiteit om zijn gelijkmoedig cynische blik op deze wereld te laten vallen.

                   

                     Ons kamp - Marja Vuijsje



 
'Ons Kamp' is het verhaal van een progressieve joodse bakkersfamilie, de familie van Vuijsje zelf. Als overtuigde sociaal-democraten streefden ze ernaar moderne en aangepaste Nederlanders te zijn en vonden ze de joodse identiteit achterhaald. Maar toen de oorlog uitbrak, drukten de Neurenberger rassenwetten een stempel op al wie joods was. Wie onderdook kon aan de nietsontziende destructie ontsnappen, wie afwachtte werd gedeporteerd en vermoord. De verhalen van de kampen blijven ook jaren nadien als demonen rondwaren in de joodse families. Ook het Palestijns-Israëlisch conflict doet de gemoederen geregeld oplaaien. Marja Vuijsje heeft een diepgaand beeld geschetst van de opkomst en lotgevallen van vier generaties Nederlandse Joden.

Dit zijn de namen - Tommy Wieringa


 
‘Dit zijn de namen’ bevat twee verhalen die tot elkaar naderen en elkaar in het slot ontmoeten. Het ene verhaal vertelt de vreselijke lotgevallen van een groep illegale zwervers die door gewetenloze smokkelaars een eindeloze prairie worden opgestuurd. In het andere verhaal wil een Oost-Europese politie-officier, die zich een joods deuntje uit zijn jeugd herinnert, zich bekeren tot het Jodendom. Zijn gesprekken met ‘de laatste rabbi’ zorgen voor diepe ernst en prachtige humor. ‘Dit zijn de namen’ leest als een moderne parabel over geloof, wreedheid en xenofobie.


                 Post Mortem - Peter Terrin


 
Beroemde schrijvers zijn vaak bang voor hun toekomstige biografen. In ‘Post Mortem’ voert Peter Terrin zo’n biofobe schrijver ten tonele. Emiel Steegman besluit voor het eerst zijn leven als grondstof voor een boek te gebruiken. Hij gruwt van de gedachte dat, als hij nu zou sterven, zijn dochtertje hem uit een biografie zal leren kennen. In het ruime eerste deel van de roman lopen het leven van Emiel Steegman en dat van zijn personage T, werkelijkheid en fictie, door elkaar. Maar wanneer zijn dochtertje in een coma raakt, legt Steegman zijn fictief alter ego T het zwijgen op en tikt op een oude Olivetti het verslag van de pijnlijke en dramatische dagen. ‘Post Mortem’ is een aangrijpende maar ingewikkelde roman, met knappe observaties en op een discrete wijze “unheimlich”.


    Geen opmerkingen:

    Een reactie posten