22 sep. 2012

Jens Christian Grondahl - Lucca

 
Jens Christian Grondahl (1959) is een van de succesvolste Deense schrijvers van dit moment. Hij is de afgelopen jaren in Nederland bekend geworden met een aantal romans die met elkaar gemeen hebben dat ze gaan over de vraag wat liefde is. Dat klinkt algemeen maar Grøndahls stijl is zozeer doortrokken van melancholie en zijn personages onderwerpen zich aan zulke diepgaande zelfanalyses dat zijn boeken je niet onberoerd laten. Ook in ‘Lucca’ (1998) is het inwisselbare en het vergankelijke van de liefde het onderwerp. De vrouwelijke hoofdpersoon Lucca, verliest bij een auto-ongeluk haar gezichtsvermogen. Zij en haar arts beginnen elkaar hun levensgeschiedenissen te vertellen. Zij ervaren hoe vluchtig intimiteit kan zijn en hoe eenzaam liefde en afscheid. Dat alleen de troost van de verhalen die ze uit hun leven kunnen smeden resteert.


In de Villa VPRO interviewt Michael Zeeman Jens Jens Grondahl naar aanleiding van de verschijning van zijn boek Veranderend Licht :

Speelt de beruchte eenzaamheid van de schrijver hem nooit parten?

Grøndahl: "Ik houd enorm van eenzaamheid. Ze is voor mij zelfs levensnoodzakelijk. Als ik niet genoeg alleen ben word ik ekstreem prikkelbaar en vervelend. Ik weet niet waarom ik schrijf, maar mocht ik niet zo dol zijn op alleen zijn, zou ik zeker nooit schrijver geworden zijn. Ik moet die afzondering en die tijd om te lezen en te schrijven hebben om me daarna open te kunnen stellen in sociale relaties."

Waar komen zijn verhalen vandaan?

Grøndahl: "Ik kan niet zelf beslissen waarover ik ga schrijven. De verhalen dringen zich aan mij op, maar hebben altijd wel iets met mij te maken. Ik schrijf niet over mezelf, daar ben ik veel te beschaamd voor. Toch hebben alle goede boeken hun wortels in de persoon van de schrijver, of het nu in hun gevoelens en ervaringen is of in hun verbeelding. Ik heb die persoonlijke relatie met een onderwerp ook echt nodig. Zo zijn er thema's waar ik absoluut zeker niet over zou kunnen schrijven, zoals bijvoorbeeld de holocaust. Schrijven is voor mij het vertalen van het persoonlijke in iets universeels. Alvorens ik begin te pennen heb ik meestal wel de meest belangrijke gebeurtenissen van het verhaal in mijn hoofd, maar ik heb er op dat moment nog geen idee van hoe die onderling met elkaar verbonden zijn. Ik verwonder me altijd over hoe het verhaal zich ontvouwt terwijl ik schrijf."

"Tijdens het schrijven ben ik me ook steeds bewust van de aanwezigheid van een ander. Ik denk nooit echt aan een konkreet iemand, het is eerder een abstrakt persoon. Publiceren is een beetje als een bericht in een fles in zee gooien: je hoopt ook dat iemand het zal opvissen en lezen, maar je hebt er geen idee van wie dat zal zijn en in welke kontekst hij of zij zich dan bevindt."

Grøndahl heeft een heldere, duidelijke stijl, wat niet betekent dat hij de lezer bij het handje neemt. Grøndahl: "Een goede tekst moet gelaagd zijn, mag niet alles ekspliciteren. Dan zou er pas veel verloren gaan." Ook August in Indian Summer is schrijver, en dat geeft aanleiding tot een flink aantal metaliteraire passages die de vraag naar de mogelijkheden van het woord durven stellen, zoals in de volgende passage: "Ik wilde dat de woorden en de lichamen elkaar zouden ontmoeten, ik wilde dat de lichamen iets zouden betekenen, en ik wilde gestalte geven aan de woorden. Ik wilde de gebaren van de liefde veranderen in een liefdesgeschiedenis, maar stootte telkens op het probleem dat we dat met zijn tweeën moeten doen en dat we het maar zelden eens waren over de inhoud van de vertelling."

Is er nog wel toekomst voor de literatuur in onze multimediale maatschappij?

Grøndahl: "Er wordt vaak gezegd dat wij in een beeldkultuur leven, maar ik heb nog nooit zoveel woorden om me heen gezien als de laatste jaren. Vroeger belden mensen, nu schrijven ze een e-mail. Heb je er een idee van hoeveel woorden op die manier elke sekonde sirkuleren? Maar het is natuurlijk wel waar dat lezen meer van je vraagt dan teevee kijken: een moment van stilte, van je terugtrekken uit de wereld én de bereidheid je verbeelding te gebruiken. Een lezer wordt zelf ook een beetje schrijver bij de lektuur. Een boek is dan ook pas echt af als het gelezen wordt."

Geen opmerkingen:

Een reactie posten